De zinloze dood van mijn vader - Deel 3

De mens is een bijzonder wezen. We hebben het vermogen de wereld te zien in een werkelijkheid zoals geen enkel andere diersoort dit kan. We hebben de mogelijkheid de wereld aan te passen zoals ons dit schikt. Iets wat we al eeuwen doen, met alle slechte gevolgen op de koop toe.

Maar we hebben ook het vermogen een werkelijkheid te scheppen die voor elk van ons uniek is. Een wereld zoals niemand anders die ooit kan zien. Onze eigen wereld, met onze eigen waarheid. Mensen met geestesziektes trekken zich vaak terug in zo’n wereld. Misschien omdat het helpt om te gaan met deze harde maatschappij. Misschien omdat het hen beschermt tegen een realiteit waar ze anders niet mee overweg kunnen.

Natuurlijk weet ik dat mijn vader dood is, ik had zijn hand in de mijne toen hij zijn laatste adem uitblies. Met mijn broertje’s hand in mijn ene hand, en mijn vader’s hand in de andere. En toch.. zolang er geen urn is, is het nog niet af. En zolang het nog niet af is, hoef ik het nog niet los te laten. En zolang ik het niet los hoef te laten, kan ik tegen mezelf blijven liegen. Zolang ik tegen mijzelf kan blijven liegen bestaat er een wereld zoals niemand anders die kan zien. Mijn wereld, waarin mijn vader eigenlijk nog niet dood is. Hij is simpelweg “weg”. En als hij alleen maar weg is, dan kan hij dus ook nog terug komen. En dan kan ik nog jaren met hem praten, en dingen doen die ik nog graag wou doen. Die urn he, daar gaat het om. Zo’n urn is definitief. Dat is het laatste eat je doet. Daarna is het af. Klaar. Niks meer te doen. Daarna rest ons alleen nog te accepteren dat mijn vader dood is..

Het maakt niet uit dat dat allemaal niet waar is. En het maakt niet uit dat een deel van mij weet dat het allemaal bullshit is. Mijn vader is dood, ik was er bij. Maar er is een deel van mij dat, in een bizarre, niet rationele wereld leeft. Een wereld waarin ik niet hoef te accepteren dat mijn vader dood is. Dat hij nooit meer terug komt. Dat het laatste wat ik zei was “morgen komt ma weer he!”. Misschien trek ik me wel bewust terug in die wereld, omdat ik niet in staat ben correct te functioneren in die andere wereld. De wereld die we wel eens beschrijven als “de harde werkelijkheid”.